Geen hogere winstmarges bij tankstations door oorlog in Iran

Gepubliceerd op 11/05/2026 16:00 in Economie

De Autoriteit Consument en Markt meldt dat er geen aanwijzingen zijn dat de gemiddelde winstmarges bij tankstations zijn gestegen als gevolg van de oorlog in Iran. Vooral bedrijven die olie oppompen en raffineren zien een toename in winst door de gestegen olieprijs.

Sinds de oorlog tussen Amerika en Iran is de olieprijs gestegen van ongeveer 70 dollar per vat naar 118 dollar op het hoogtepunt. Momenteel kost een vat ongeveer 105 dollar, vanwege blokkades die de export van olie uit landen rondom de Perzische Golf belemmeren.

De ACM volgt nauwlettend wie er profiteert in de keten, van olieproductie tot tankstations. Voorzitter Martijn Snoep benadrukt dat de gestegen brandstofprijzen alle bedrijven en huishoudens direct in de portemonnee raken.

Voor de oorlog was de gemiddelde adviesprijs van benzine 2,28 euro, nu is dat 2,62 euro. De prijs van diesel steeg van 2,08 naar 2,51 euro. De ACM pleit voor transparantie over hoe de prijsontwikkelingen in de brandstofketen doorwerken en waar winstmarges zijn gestegen.

Uit een monitor blijkt dat de prijs van ruwe olie in euro's met zo'n 70 procent is gestegen, terwijl de kosten van olieproductie niet in dezelfde mate zijn gestegen. Dit zorgt voor hogere winstmarges bij oliemaatschappijen, die recentelijk aanzienlijke winstverhogingen hebben gerapporteerd.

Raffinaderijen lijken ook te profiteren, vooral bij diesel en kerosine. Tankstations daarentegen worden geconfronteerd met hogere inkoopprijzen en berekenen deze door aan consumenten. De ACM ziet echter geen toename in de gemiddelde winstmarges bij tankstations.

De autoriteit gaat de ontwikkelingen op de brandstofmarkt nauwlettend volgen en zal regelmatig analyses publiceren, zeker als de olieprijs significant daalt. Het effect van dalende olieprijzen op consumentenprijzen zal dan ook onderzocht worden.

Lees meer nieuws in economie