Nederlandse pensioenfondsen lijden onder onrust in Perzische Golf
Gepubliceerd op 23/04/2026 01:00 in Economie
Nederlandse pensioenfondsen, waaronder ambtenarenpensioenfonds ABP en metaalfonds PME, worden negatief beïnvloed door de oorlog in de Perzische Golf. De dekkingsgraad van ABP daalde in het eerste kwartaal van dit jaar naar 119,9 procent, ten opzichte van 123,5 procent eind vorig jaar.
De dekkingsgraad geeft aan of een pensioenfonds voldoende geld heeft om huidige en toekomstige pensioenen uit te keren. Een dekkingsgraad boven de 100 procent betekent dat er genoeg geld beschikbaar is.
Door de onrust op de beurzen leed ABP een half procent verlies op al hun beleggingen, mede door de dalende rente. Hierdoor stegen de pensioenverplichtingen van ABP naar 445 miljard euro.
Metaalfonds PME behaalde nog een kleine winst van 0,3 procent, maar zag de dekkingsgraad dalen van 125,3 procent naar 121,5 procent. Ook PME moest zich indekken voor de gedaalde rente om de pensioenen van deelnemers te beschermen.
ABP stapt volgend jaar over naar het nieuwe pensioenstelsel en kon daardoor dit jaar al de pensioenen verhogen. Een dekkingsgraad van minimaal 110 procent is daarvoor nodig. Vooralsnog verwachten beide fondsen dit te kunnen realiseren.
Hoewel de financiële markten volatiel zijn door de onrust in de Perzische Golf, blijven zowel ABP als PME hoopvol. Ze benadrukken dat de markten snel kunnen herstellen bij terugkeer van rust in de regio.
Andere pensioenfondsen die al zijn overgestapt naar het nieuwe stelsel, zoals PMT en PFZW, stellen dat hun dekkingsgraden minder relevant zijn nu deelnemers individuele pensioenpotjes hebben. Ze delen hun resultaten en ontwikkelingen op een later moment.