Hoge brandstofprijzen raken vooral lagere inkomens

Gepubliceerd op 03/04/2026 09:00 in Economie

Uit een nieuw onderzoek van TNO blijkt dat het verlagen van de brandstofprijzen om mensen op korte termijn te helpen met de hoge prijzen aan de pomp de overheid veel geld zou kosten. Hoewel de laagste inkomens het hardst worden getroffen door de hoge brandstofkosten, worden zij er het minst mee geholpen, zo constateert het onderzoeksinstituut.

Lage inkomens die veel kilometers maken zijn gemiddeld 17,6 procent van hun inkomen kwijt aan brandstofkosten. Het verlagen van accijnzen zou wel enige verlichting bieden, maar vooral hogere inkomens zouden hiervan profiteren, aldus onderzoeker Peter Mulder van TNO.

Het onderzoek wijst uit dat huishoudens met hogere inkomens meer auto's hebben en daardoor beter in staat zijn om eventuele klappen op te vangen. Als zij veel rijden, besteden zij een kleiner deel van hun inkomen aan brandstof in vergelijking met huishoudens met lagere inkomens.

Volgens Mulder zullen mensen hun gedrag aanpassen als reactie op de hoge brandstofprijzen. Mogelijk zullen zij minder gaan rijden, gaan carpoolen, of vaker de fiets of het openbaar vervoer gebruiken. Hij benadrukt dat structureel verduurzamen ook kan helpen, aangezien brandstofprijzen erg variabel zijn.

De overheid staat voor een lastige keuze tussen het op korte termijn verlagen van de brandstofprijzen of inzetten op technologische veranderingen. Accijnsverlaging zou de schatkist ongeveer 1 miljard euro per jaar kosten, terwijl technologische veranderingen, zoals het subsidiƫren van deelvervoer of het stimuleren van elektrische auto's, meer tijd kosten maar op lange termijn effectiever kunnen zijn.

Mulder benadrukt dat het vinden van een oplossing niet zo zwart-wit is en dat de overheid verschillende maatregelen kan nemen. Hij is van mening dat het subsidiƫren van technologische veranderingen op termijn meer effect zal hebben dan het verlagen van de accijnzen.

Lees meer nieuws in economie