Stijgende huizenprijzen bemoeilijken vinden gezinswoning voor jongvolwassenen
Gepubliceerd op 29/03/2026 05:00 in Economie
Uit onderzoek van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) blijkt dat de stijgende huizenprijzen het vinden van een geschikte gezinswoning voor jongvolwassenen steeds moeilijker maken. Dit kan mogelijk een van de redenen zijn voor het dalende kindertal.
Sinds 2013 stijgen de huizenprijzen sterker dan de inkomens, waardoor jongvolwassenen vaker in een woning wonen die als minder geschikt wordt beschouwd voor een gezin, zoals een appartement. Voor sommige vrouwen is de te kleine woonruimte een reden om hun kinderwens uit te stellen.
Het onderzoek benoemt een 'mismatch' tussen het soort woning waar jongvolwassenen een gezin willen stichten en de woningtypen die zij daadwerkelijk kunnen vinden op de woningmarkt. Hierdoor stellen zij het krijgen van kinderen uit of zien zij er mogelijk zelfs van af.
Daniel van Wijk, onderzoeker bij het NIDI, concludeert dat hoge huizenprijzen een belemmerende factor zijn voor het starten van een gezin. Hij ziet de stijging van de huizenprijzen als een belangrijke verklaring voor het dalende geboortecijfer. Vrouwen in een koopwoning krijgen het vaakst een kind en vrouwen in een vrijstaande woning krijgen 38 procent vaker een kind dan vrouwen in een appartement.
Ondanks de woningcrisis stellen huishoudens hun eisen voor een woning niet bij. Ze vinden het belangrijk om in een kindvriendelijke woning een gezin te starten en willen daar niet op inleveren. De huidige generatie jongvolwassenen beschouwt wat een kindvriendelijke woning is mogelijk mede door hoe zij zelf zijn opgegroeid.
Van Wijk geeft aan dat het geboortecijfer mogelijk weer zal stijgen zodra de krapte op de woningmarkt afneemt.