150 jaar telefoongesprek: van houten toestellen tot mobiele nummers
Gepubliceerd op 10/03/2026 07:00 in Economie
Exact 150 jaar geleden werd in Boston het eerste telefoongesprek gevoerd door de Schotse uitvinder Alexander Bell. In de hoorn sprak hij de beroemd geworden woorden tegen zijn collega: "Mr. Watson, come here. I want to see you." Sindsdien heeft de telefonie een grote ontwikkeling doorgemaakt.
Bob Groenewoud, vrijwilliger bij het Houweling Telecom Museum in Rotterdam, vertelt over de evolutie van de telefoon. Van houten toestellen die aan de wand hingen en verbindingen tot stand kwamen door stekkers in gaatjes te steken, tot bakelieten telefoons met kiesschijven rond 1900.
Het eerste openbare telefoonnetwerk werd in Nederland geïntroduceerd in 1881. Slechts 49 abonnees hadden toen nummers met twee of drie cijfers. Later, in 1931, verschenen de eerste telefooncellen op straat, waardoor bellen voor iedereen toegankelijk werd.
Operatie Decibel in 1985 zorgde voor een omnummeringsactie van vaste telefoonnummers naar tiencijferige nummers, vanwege het groeiende aantal huishoudens met telefoons. Rex Leijenaar van Autoriteit Consument en Markt (ACM) benadrukt het belang van deze ingrijpende gebeurtenis.
Hoewel het aantal vaste telefoonaansluitingen de afgelopen jaren is afgenomen, blijft het totale belverkeer redelijk constant door de opkomst van mobiel bellen. Jongeren gebruiken hun smartphones vooral voor andere doeleinden dan bellen, maar vrijwilligers Groenewoud en Abels benadrukken dat de menselijke stem en intonatie in een telefoongesprek nog steeds van groot belang zijn voor sociaal contact.
Met 26 miljoen mobiele aansluitingen en 6,8 miljoen beschikbare mobiele nummers in Nederland, lijkt een nieuwe Operatie Decibel voorlopig niet nodig. De evolutie van de telefoon, van houten toestellen tot mobiele nummers, heeft onze communicatiemogelijkheden in de afgelopen 150 jaar aanzienlijk veranderd.