Aanvallen op Iran door VS en Israël schenden internationaal recht
Gepubliceerd op 04/03/2026 20:00 in Buitenland
Deskundigen zoals Marieke de Hoon en Larissa van den Herik zijn het erover eens dat de recente aanvallen op Iran door de Verenigde Staten en Israël in strijd zijn met het internationale recht. Volgens hen hebben deze landen het geweldsverbod geschonden door de soevereiniteit en territoriale integriteit van Iran aan te vallen.
Het Iraanse atoomprogramma vormt volgens De Hoon geen uitzondering op dit verbod, aangezien er geen VN-resolutie is die de aanval rechtvaardigt en er geen directe dreiging was voor zelfverdediging. Van den Herik sluit zich hierbij aan en benadrukt dat aanvallen tussen landen alleen legitiem zijn met toestemming van de VN-Veiligheidsraad of bij directe dreiging.
De Verenigde Naties hebben de aanval op Iran veroordeeld als schending van het internationaal recht. Echter, de VN-Veiligheidsraad wordt vaak verlamd door veto's van de vijf permanente leden, waardoor resoluties stranden en handhaving van internationale vrede bemoeilijkt wordt.
Met de aanvallen op Iran lijkt het internationaal recht steeds meer onder druk te staan. De oprichting van een alternatieve Vredesraad door Trump en het gebrek aan veroordelingen van de aanvallen roepen vragen op over de effectiviteit van het internationaal recht in internationale conflicten.
Terwijl sommige Westerse landen begrip tonen voor de aanvallen als reactie op het regime in Iran, waarschuwen deskundigen zoals De Hoon en Van den Herik voor de gevolgen van het negeren van het internationaal recht. Zij benadrukken dat het belangrijk is dat landen samenwerken om de VN en het internationaal recht te ondersteunen en te handhaven in plaats van deze te ondermijnen.