Hoge Raad bevestigt inbeslagname van 19,5 miljoen uit Suriname
Gepubliceerd op 10/02/2026 19:00 in Buitenland
De Hoge Raad heeft na een lang juridisch gevecht geoordeeld dat de inbeslagname van een verdachte geldzending van 19,5 miljoen euro uit Suriname in stand blijft. In 2018 werd deze lading contant geld via Hongkong naar Nederland gestuurd om het om te wisselen voor Amerikaanse dollars. De douane vond de zending verdacht vanwege de route en de ongebruikelijke verpakking, en omdat er duizenden briefjes van 500 euro bij zaten.
Het Openbaar Ministerie vermoedde witwaspraktijken en liet daarom de zending in beslag nemen. Dit was al de vijfde grote geldzending in korte tijd, waardoor er binnen een half jaar ruim 75 miljoen euro aan cash uit Suriname was verscheept. Uit onderzoek bleek dat van het grootste deel van het geld "geen legale herkomst" kon worden vastgesteld.
De inbeslagname leidde tot problemen in Suriname, waar veel met contant geld wordt gehandeld. Banken kwamen in de problemen en de Amerikaanse dollar moest op rantsoen. Na een jarenlang juridisch gevecht tussen de Centrale Bank van Suriname en het Nederlandse OM werd de inbeslagname uiteindelijk bevestigd door de Hoge Raad.
Het gerechtshof in Den Haag verklaarde het beklag van de Surinaamse bank ongegrond, waarna de bank in cassatie ging bij de Hoge Raad. Maar ook dit leverde niets op, waardoor de zaak nu definitief is beslist.