Politieagenten op Aruba veroordeeld voor doodschieten 19-jarige na politieachtervolging

Gepubliceerd op 03/04/2026 02:00 in Binnenland

Op Aruba zijn twee politieagenten veroordeeld tot celstraffen voor het doodschieten van de 19-jarige Ayden de Lanoy na een politieachtervolging. Ze krijgen een gevangenisstraf van drie jaar, waarvan één jaar voorwaardelijk. De rechtbank oordeelt dat zij onnodig dodelijk geweld hebben gebruikt.

De zaak groeide vorig jaar uit tot een van de meest besproken strafzaken van de afgelopen jaren op Aruba. Het leidde tot een aanhoudende discussie over politiegeweld en vertrouwen in de rechtsstaat.

Ayden de Lanoy werd in februari 2025 doodgeschoten. De politie loste twintig schoten toen zijn auto tot stilstand kwam. Volgens de agenten was sprake van een gevaarlijke situatie, maar de rechter stelt dat daarvan geen sprake was. Volgens de rechtbank vormde De Lanoy geen directe bedreiging en was het geweld buiten proportie.

De straf ligt hoger dan de eis van het Openbaar Ministerie, dat eerder een voorwaardelijke celstraf en taakstraf had gevraagd. Die eis leidde tot hevige kritiek op Aruba.

Protesten en maatschappelijke druk

Kort na het incident gingen mensen op Aruba de straat op om te protesteren tegen politiegeweld en om gerechtigheid te eisen voor De Lanoy. Demonstranten spraken van buitensporig geweld en koppelden de zaak aan groeiend wantrouwen in politie en justitie.

Ook buiten Aruba kreeg de zaak aandacht. In Nederland werd onder meer in Rotterdam een herdenking gehouden voor De Lanoy, waar familie en betrokkenen aandacht vroegen voor de omstandigheden rond zijn dood.

Tijdens de rechtszaak maakten nabestaanden gebruik van hun spreekrecht. De moeder van De Lanoy zei dat haar zoon "als een dier was afgemaakt". Familieleden spraken over het lange wachten op duidelijkheid en het gevoel dat er te weinig verantwoordelijkheid is genomen voor het politieoptreden. Tijdens zittingen was extra beveiliging aanwezig vanwege de spanningen rond de zaak.

Beelden en informatievoorziening

In de eerste dagen na het incident ontstond veel onduidelijkheid over wat er precies was gebeurd. Beelden van beveiligingscamera's die op sociale media werden gedeeld, suggereerden dat de achtervolging mogelijk begon vanwege kapotte achterlichten van de auto.

Diezelfde beelden speelden later ook een belangrijke rol in de rechtszaak en werden gebruikt als bewijsmateriaal bij de beoordeling van het politieoptreden.

De politie riep tegelijkertijd op tot terughoudendheid en benadrukte dat eerst moest worden vastgesteld wat er precies was gebeurd. Ook waarschuwde het korps dat onjuiste berichtgeving het onderzoek en het vertrouwen kan schaden.

Politie: 'Alleen verliezers'

Vanuit het politiekorps wordt benadrukt dat de zaak ook intern zwaar weegt. Korpschef Ramon Arnhem spreekt van een "hele trieste situatie die alleen verliezers kent".

"Zowel mijn collega's als de ouders en naasten van Ayden de Lanoy kennen verdriet," zegt hij. Voor inhoudelijke vragen verwijst hij naar het Openbaar Ministerie, dat het onderzoek heeft geleid.

Het korps benadrukte eerder dat agenten vaak in seconden moeten handelen in mogelijk gevaarlijke situaties. Tegelijkertijd wordt erkend dat het vertrouwen onder druk staat. In dat kader wordt gekeken naar maatregelen zoals het invoeren van bodycams om het politieoptreden beter controleerbaar te maken.

Spanningsveld blijft

De zaak-De Lanoy staat niet op zichzelf. Begin dit jaar overleed opnieuw een man op Aruba na een schietincident met de politie. Voor critici be

Lees meer nieuws in binnenland